Witte wijnen - La Vieille Ferme

Frankrijk, Côtes du Luberon (Rhône), Perrin, La Vieille Ferme

De rivier de Rhône stroomt 'zijn' wijngebied pas binnen bij Vienne. Dit noordelijke deel van de regio, de Vallée du Rhône Septentrionale, strekt zich vervolgens via de Côte Rôtie, Condrieu, St.-Joseph, (Crozes) Hermitage, Cornas en St. Péray uit tot voorbij Valence waar de rivier de Drôme in de Rhône vloeit.
 
Zuidelijk hiervan, voorbij het stadje Montélimar, schampt de Rhône de wijnstreken Coteaux du Tricastin, Côtes du Rhône Villages en Châteauneuf-du-Pape om bij Avignon het gebied te verlaten op weg naar de Middellandse Zee. Dit deel van de Vallée du Rhône Meridionale herbergt ook beroemde appellations als die voor Gigondas, Vacqueyras, Beaumes-de-Venise en Vauclusewijn.

Geologisch en klimatologisch is ook een onderscheid te maken tussen het noordelijke en het zuidelijke deel. Hoe dichter naar de Middellandse Zee toe, hoe breder en vlakker de valleien en hellingen. Daar waar de Alpen en het Centraal Massief het hardst met elkaar botsten, overheerst een bodem getypeerd door graniet en ander vulkanisch gesteente waarop een kalkrijke laag is achtergebleven. Naar de kust toe wordt het sediment aan de oppervlakte steeds fijner: klei, kalk en zand gemengd met door gletsjers afgezette rolkeien en stenen. Het klimaat is hier gematigder dan in het noorden.
 
Perrin
La Vieille Ferme is een onderneming van de familie Perrin, wijnproducenten en - handelaars met een ijzersterke reputatie in de Zuidelijke Rhône. Zij zijn daar onder meer eigenaar van het befaamde Château de Beaucastel in Châteauneuf-du-Pape. Bij al hun wijnen streven de Perrins naar een zo hoog mogelijke mate van typiciteit, d.w.z. een klassieke stijl die telkens een referentie vormt voor de mogelijkheden van een bepaalde appellation, van 'gewone' streekwijn tot cru. De Perrins kiezen binnen elke appellation namelijk altijd voor fruit uit de beste wijngaarden.
 
La Vieille Ferme Blanc
In het Parc regional du Luberon - ruwweg de Vaucluse tussen Avignon, Aix-en-Provence en Manosque - liggen op een hoogte van 300 meter boven de zeespiegel de druivengaarden voor deze wijn. Hier staan tussen de vele platte en ronde stenen in de kalk- en kleirijke grond, de stokken voor gelijke delen grenache blanc, bourboulenc en ugni blanc, aangevuld met een kleine 10% roussanne.
 
Na lichte kneuzing van de vruchtjes volgt de persing en vergisting van 90% van het sap op roestvrij staal materiaal, het overige tiende deel fermenteert, onder af en toe omscheppen van de most (battonage), op nieuw eiken.
 
Het resultaat is een lichtgele wijn met een groene schakering. In de geur en smaak domineert fris fruit, geroosterd brood en een subtiel toontje van hazelnoten. Met een mooie balans en prettige afdronk is dit een bijzonder aperitief en goed glas bij koude (voor)gerechtjes en diverse bereidingen van vis en witvlees.